Antonius Franciscus Johannes van Wetten (1890-1952)
Antonius Franciscus Johannes van Wetten
Geboren: 24-6-1890 Aarle-Rixtel
Overleden: 16-4-1952 17:30 Aarle-Rixtel [1]
Biografie
Vader: Petrus Johannes van Wetten (1864-1940)
Moeder: Johanna Zeelen (1863-1943)
Huwelijk: 1-7-1912 Aarle-Rixtel Petronella Vogels geb 8-4-1891 Aarle-Rixtel [2]
Kinderen: Johanna Antonia Maria van Wetten 22-5-1913 Aarle-Rixtel, Henriette Antonia Maria van Wetten 29-6-1914 Aarle-Rixtel, Petronella Johanna Maria van Wetten 10-8-1915 Aarle-Rixtel, Antonia Maria van Wetten 31-10-1916 overleden 3-4-1917 Aarle-Rixtel, Antonius Petrus van Wetten 19-12-1917 Aarle-Rixtel, Johanna Antonia Maria van Wetten 22-5-1919 Aarle-Rixtel, Henricus Antonius van Wetten 16-10-1920 Aarle-Rixtel, Cornelis Gijsbertus van Wetten 24-12-1921 Aarle-Rixtel, Antonia Petronella Maria van Wetten 30-8-1923 Aarle-Rixtel, Frans Jozef Mathieu van Wetten 12-3-1925 Aarle-Rixtel, Theodorus Petrus van Wetten (1928-1997), Hijacintha Henrica Gerardina Johanna van Wetten 9-6-1929 Aarle-Rixtel, Josephus Judocus Maria van Wetten 1931 Aarle-Rixtel, Gijsberta van Wetten 1935 Aarle-Rixtel
Tijdens de tweede wereld oorlog kwamen er geregeld Duitsers in zijn café aan de Kerkstraat. [3]
Toon werd op 25-9-1944 door de ordedienst van het verzet opgepakt, op verdenking van landverraad.
Het eerste verhoor in het gemeentehuis van Aarle-Rixtel was door opperwachtmeester der marechaussee A.J. van Eijk en wachtmeester der marechaussee Herman Vos. [4]
Daarna werd hij, zoals alle gearresteerde personen uit Aarle-Rixtel, gevangen gezet in de Sint Jozefschool, later in de garage van Dorpsstraat 94 waar hij bewaakt werd door zijn eigen broer Franciscus Hendrikus van Wetten (1892-1975), daarna in het patronaat het Rooms Katholiek Verenigingsgebouw tot 13-12-1944.
Alle volwassene arrestanten werden naar Kamp Vught gebracht. Voor van Wetten is het nog niet duidelijk in welke kampen hij heeft gezeten. Zijn CABR dossier geeft hier geen bewijs voor.
Zelf beweerd hij tot 20-4-1945 gevangen te zijn geweest.
Het verwijt aan het adres van Van Wetten was dat hij Duits gezind was, dat hij Duitsers in zijn café toeliet, maar vooral dat hij een keer met de Helmondse Duitser Borlinghaus, die voor de bezetter werkte, door Aarle-Rixtel reed, om jongens aan te wijzen voor de arbeidseinsatz.
In augustus 1946 blijkt dat Borlinghaus uit Helmond spoorloos is. In september 1946 word hij voortvluchtig genoemd. [5]
Besluit op 20-3-1947: de gerezen verdenkingen zijn gegrond gebleken. Overwegende geruime tijd in bewaring, besluit voorwaardelijke buiten vervolging stelling. Voorwaarde betrokkene zich gedraagt als een goed Nederlander. Door officier fiscaal W. van de Griendt te Eindhoven.
Getuigenverklaringen
1 Oscar Marie Haffmans (1897-1979) burgemeester van Aarle-Rixtel. In begin 1943 is AFJ van Wetten gezien met Borlinghaus in de Dorpsstraat in auto. Kennelijk met het doel om mensen te ronselen voor Duitsland.
2 Michaël Servatius van Roij (1898-1967) secretaris van Aarle-Rixtel.
Gedurende bezetting tijd, het was naar ik meen in de lente van 1943, zag ik dat de mij bekende AJF van Wetten wonende te A-R, gezeten in een automobiel van een geüniformeerde Duitser in Aarle-Rixtel van bedrijf tot bedrijf reed voor het doen van aanwijzingen van arbeidskrachten in die bedrijfjes werkzaam, voorbestemd voor Duitsland.
3 Karel Johannes Jeurgens (1902-1993) bakker Dorpsstraat A 29
Begin 1943 kwam in mijn bakkers bedrijf gevestigd dorpsstraat A 29 een in Duits uniform gekleed persoon. Stelde zich voor als Borlinghaus wonend te Helmond.
Vroeg hoeveel personeel was 4 ik zei 3.
Hij wees aan om te werken, Petrus Martinus Nooijen was onegeveer 3 of 13 jaar in dienst.
Ik zag dat van Wetten in de auto zat, enkele dagen na dit kreeg Nooijen oproep om te werken is vertrokken maart 1943, daar overleden. Verder onderzoek: is eigenlijk Petrus Hubertus Nooijen bedoeld?
4 Arnoldus Petrus de Kok 41 jaar Boekhouder bij Meel en graanhandel van Hoek.
Ik ben in dienst bij graan / meel handel van Hoek. Rijksduitser Borlinghaus, verscheen daar in 1943 in Duits militair uniform, kwam personeel vorderen.
2 personen kregen bericht. 1 dook onder de andere afgekeurd.
Hij zag Antoon van Wetten in de auto. De bevolking was zeer verbolgen over de handelingen van van Wetten.
5 Theodorus Godefridus van Brug (1913-1977) bakker bij Bakkerij van Brug.
De Rijks duitse Borlinghaus kwam in uniform onze winkel binnen. Begin 43.
Hij stelde zich voor als Borlinghaus Rustings Inspecteur.
Wees broer Jan aan voor werk in Duitsland. Is niet in Duitsland geweest door bemiddeling met het arbeids bureau Helmond, hij kreeg een ausweis.
In de auto zat Antoon van Wetten. De bevolking was zeer verbolgen over dat van Wetten zijn hulp had aangeboden, ook nog komt de handeling van van Wetten verdacht voor.
6 Johannes Cornelis Andreas van Roij 49jr houtfabriek fabrikant woont Wijk B 265
Op een dag in 1943/44 kwam een persoon in zijn zaak (houtfabriek) die later Borlinghaus bleek te zijn. Hij kwam kijken hoeveel personen daar werkte. Hij noteerde er 3, andere waren al achterdeur uit gevlucht, later moest 1 van deze in Duitsland gaan werken in Meurs, net over de grens zo kon hij iedere dag naar huis. Die Borlinghaus kwam alleen binnen, maar later bleek dat hij met een luxe auto was gekomen waarin van Wetten zat. Vermoedelijk moest hij mee om Borlinghaus de weg te wijzen.
7 Josephus Maas 37 jaar opperman woont Wijk B 170
Op een dag in 1943 kwam Borlinghaus (een Duitser van het arbeidsbureau te Helmond) met een luxe auto naar Aarle-Rixtel om jongens te werven voor de arbeidsinzet. Ik was werkzaam in 1 van de loodsen van Gruijters aan het kanaal.
De auto van Borlinghaus stopte op de brug, omdat baas Gruijters er aan kwam. In die auto zat van wetten, later werd ik opgeroepen voor Duitsland, echter doch ben niet gegaan.
De auto stopte natuurlijk op de brug omdat omdat van Wetten baas Gruijters aan hem aanwees.
Dat de bevolking van A-R, hem beschrijft als een persoon die met de Duitsers mede ging, omdat hij anders zijn dochter niet te werk had gesteld bij dien Duitser Borlinghaus, dit zegt genoeg. Zeggen de inwoners van A-R, want iemand die niets met de Duitsers te maken wilde hebben liet zijn dochter niet naar de Duitsers gaan.
Verklaringen van de verdachte AFJ van Wetten
21-10-1944 Ik erken omstreeks in het begin van het jaar 1943 met de Rijksduitser Borlinghaus in een Duitse auto gezeten eenige adressen te Aarle-Rixtel te zijn afgeweest.
Borlinghaus had een lijst met mans personen.
Ik vermoedde wel dat deze personen mensen waren om naar Duitsland te ronselen. 2 van mijn zoons kwamen ook op die lijst voor.
Ik was door de bedoelde Rijks Duitser gedwongen om met hem mede te gaan. Ende de weg te wijzen.
P. Nooijen door u hier bedoeld is door mijn bemiddeling niet in Duitsland gekomen, redene is zeker weet dat deze persoon niet op de bedoelde lijst voorkwam.
Op 19-6-1946 stuurt van Wetten een brief aan de heer Kunst, inspecteur van de politieke recherche te Helmond.
Vraag omtrent het geval van 25-9-1944 inlichtingen en afwerking.
Toen men mij van mijn vrijheid beroofde, zonder dat ik ook maar iets vermoede had om welke reden, daar ik absoluut nooit van een politieke partij lid ben geweest.
Ik heb altijd 2 en een tijd lang 4 onderduikers gehad waarvoor ik zelf moest zorgen.
Toen hadden ze de heer Hoefnagels en dochter wegens Amerikaanse nationaliteit in het concentratiekamp gezet. Ik heb geprobeerd of ik hier iets tegen kon doen.
Ik ben naar de fabriekant Borlinghaus in de Molenstraat te Helmond gegaan, die zei als ik borg bleef voor die man, dan komt hij naar huis.
Ik ben met de wagen van Borlinghaus meegereden, de heer Hoefnagels is niet direct vrij gekomen. Men had mij in die wagen zien zitten, men zei: die gaat mee om mensen op te halen wat pertinent gelogen is.
Ik wist niet dat Borlinghaus een gestapo agent was, anders was ik niet met hem mee gereden.
In een kamp gezeten van 25-9-1944 tot 20-4-1945.
Ik heb een groot huishouden, en momenteel bijna geen inkomen.
Op 19-6-1946 geeft AFJ van Wetten een brief af aan de politieke recherche in Helmond.
Ik ben geen lid geweest van de NSB, nog van een aanverwante partij. De Rijksduitser Borlinghaus, die te Helmond woonde, kende ik zeer goed als fabriekant.
Omtrent zijn politieke richting was mij niets bekend. Dat hij een gestapo agent was wist ik niet.
Mijn dochter heeft gedurende de bezetting ongeveer een maand als dienstbode bij Borlinghaus ingewoond, daar diens vrouw ongesteld was. Heel intiem was ik niet met Borlinghaus. Ik heb Borlinghaus wel eens gesproken over Piet Hoefnagels te Beek en Donk, die was aangehouden omdat hij Amerikaan was en zijn dochter, om beiden vrij te krijgen.
Ik deed dat niet omdat ik zo intiem was met Hoefnagels, doch omdat ik nu eenmaal maar graag iemand een dienst bewijs. Ook doe ik geen zaken met Hoefnagels. Wel kom ik bij hem in de herberg. Ik durfde Borlinghaus wel een en ander te vragen, omdat ik hem kende en vertrouwde. Ik ben nimmer met Borlinghaus aan de woning van Hoefnagels in Beek en Donk geweest. Wel stelde ik mij bij Borlinghaus borg voor Hoefnagels. Ik heb Borlinghaus een paar maal getroffen en dan was hij steeds in burger gekleed. Nimmer heb ik hem in uniform getroffen. Of gesproken. Ik keek tegen Borlinghaus op en zag in hem een invloedrijk Duitser, omdat hij fabriekant was.
Ik erken wel eens in een door Borlinghaus gestuurde auto te hebben gezeten, terwijl hij daar mede in de gemeente A-R reed. Toen was Borlinghaus niet in uniform, doch in burger gekleed. Terwijl ik bij Borlinghaus in de auto zat, bezocht hij enkele zakenlieden te A-R. Wat hij bij hen voor zaken had weet ik niet. Was bij graan en meelhandel van Hoek. Wat Borlinghaus aldaar ten kantore heeft verricht, weet ik niet. Ik heb hem dit niet gevraagd, en hij deelde mij zulks niet meede.
Van daar reden we naar de Aarle-Rixtelse brug , alwaar ik in café Crooyman een glas bier dronk, terwijl Borlinghaus een boodschap deed. Wat hij intussen deed en waarheen hij zich begaf, weet ik niet. Daarna reden we verder. Ik kan mij niet herinneren of Borlinghaus die dag, Bakker Jeurgens bezocht. Voor zover ik weet is Borlinghaus nimmer bij bakker Jeurgens geweest.
Ik ontken ten stelligste te hebben medegewerkt aan personeels vordering voor tewerkstelling in Duitsland bij bakker Jeurgens. Niet medegewerkt om PM Nooijen naar Duitsland te krijgen. Ik ontken met Borlinghaus het bedrijf van Gruijters te hebben bezocht. Ik kan mij niet herinneren dat Borlinghaus bakker van Brug heeft bezocht. Ik erken wel dat ik met Borlinghaus enkele bedrijven heb bezocht . Wie op de lijst van Borlinghaus stonden, of wie die lijst heeft gegeven aan Borlinghaus weet ik niet. Ik had die namen hem niet verstrekt.
Wel had Borlinghaus mij die lijst getoond en mij verzocht hem te willen wijzen waar die bedrijven of personen waren gevestigd. Aanvankelijk had ik geen enkel vermoeden waarom die bedrijven door Borlinghaus werden bezocht. Nadat ik met hem die bedrijven was afgeweest en terug thuis kwam, bemerkte ik dat hij personen zocht om in Duitsland te werk worden gesteld.
Hij vroeg ook naar 2 zoons van mij. Ik zeide echter tegen hem. Die krijg je nooit in Duitsland. Ik ben niet gedwongen om met hem mee te gaan, doch ik deed dit op zijn verzoek. Ik heb 4 onderduikers gehad, 3 zoons van mij, en 1 van mijn buurman Scheepers. Ik vind het wel beroerd dat ik enige tijd onschuldig heb vast gezeten. Want ik heb gedurende de bezetting niets verkeerds gedaan, wel veel goeds. Dit is alles wat ik u ter zaken kan verklaren en het is de zuivere waarheid.
Verhoor en verslag door Jan Bode 5-9-1946
In het begin van het jaar 1943 kwam de Duitser Borlinghaus bij mij aan de woning en vroeg mij of ik niet verschillende personen wist te wonen, die hij op een lijst bij zich had.
Ik ben toen met hem mede gegaan en heb hem die adressen aangewezen en ben daarna met hem naar Helmond gereden omdat ik nog iets moest tekenen, omdat ik hem had gevraagd of hij Hoefnagels niet vrij kon krijgen. De adressen die ik hem aanwees, ben ik niet mede naar binnen gegaan, doch ben ik in de auto blijven zitten.
1e verhoor opperwachtmeester van Eijk en wachtmeester Vos: verklaarde dat hij gedwongen mee reed. 21-10-1944 toen verklaarde hij niets van Hoefnagels. Volgens de inwoners van A-R was zijn gedrag gedurende de bezetting pro duits.
Opleiding
Loopbaan
Timmerman
Café van Wetten
Adressen
1890-1908 A 17, B 178, A 19
Kerkstraat A 74
30-7-1912 metselaar / timmerman in huis schoonouders
20-5-1913 Kerkstraat A 73 = Wijk A 105
1931 Kerkstraat 27