Hoeve de Groote Laar: verschil tussen versies

Uit aarlerixtelwiki.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Regel 5: Regel 5:
 
Kadaster 1832 de Hoeve: Sectie A 6 <br/>
 
Kadaster 1832 de Hoeve: Sectie A 6 <br/>
 
Kadaster 1832 het hele complex: Sectie A 5-13  <br />
 
Kadaster 1832 het hele complex: Sectie A 5-13  <br />
 +
1850-1862 Huisnummer 104 <br/>
  
 
==Geschiedenis==
 
==Geschiedenis==
Regel 16: Regel 17:
 
==Eigenaren==
 
==Eigenaren==
 
Familie Verbeeck <ref>Boek:van Ricstelle tot Aarle-Rixtel. Jean Coenen 1992 blz 76</ref> <br />
 
Familie Verbeeck <ref>Boek:van Ricstelle tot Aarle-Rixtel. Jean Coenen 1992 blz 76</ref> <br />
Judocus Justus Verbeeck  -1734 <br />
+
tot 1734 Judocus Justus Verbeeck  <br />
Adam Blankers uit Beek en Donk 1734  <br />
+
1734 Adam Blankers uit Beek en Donk   <br />
 
van Will uit Beek en Donk (molenaar) 18e eeuw <br />
 
van Will uit Beek en Donk (molenaar) 18e eeuw <br />
 
1832 de Weduwe G. van Will uit Schijndel <br/>
 
1832 de Weduwe G. van Will uit Schijndel <br/>
 +
1850-1862 Godefridus Noijen 16-5-1784 Beek en Donk rk landbouwer <br/>
  
 
==Bronnen==
 
==Bronnen==

Versie van 6 okt 2025 00:07

Hoeve
Dorp: Aarle
Gebouwnaam: de Groote Laar
Gebied 1832: het Groenewoud
Kadaster 1832 de Hoeve: Sectie A 6
Kadaster 1832 het hele complex: Sectie A 5-13
1850-1862 Huisnummer 104

Geschiedenis

De hoeve de Groote Laar bestond aanvankelijk uit één grote boerderij.
Vanwege een grote schuld werd het bezit van Judocus Justus Verbeeck in 1734 openbaar verkocht. [1]
Bij de hoeve stond in 1734 een herberg met de naam Herberg Sint Severus in het Groenewoud. Dit is de eerste keer dat de naam groenewoud als toponiem voorkomt.

Architectuur

Eigenaren

Familie Verbeeck [2]
tot 1734 Judocus Justus Verbeeck
1734 Adam Blankers uit Beek en Donk
van Will uit Beek en Donk (molenaar) 18e eeuw
1832 de Weduwe G. van Will uit Schijndel
1850-1862 Godefridus Noijen 16-5-1784 Beek en Donk rk landbouwer

Bronnen

  1. Boek:van Ricstelle tot Aarle-Rixtel. Jean Coenen 1992 blz 76
  2. Boek:van Ricstelle tot Aarle-Rixtel. Jean Coenen 1992 blz 76