Petrus Adrianus Dingemans (1892-1974): verschil tussen versies

Uit aarlerixtelwiki.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Regel 28: Regel 28:
 
==Adressen==
 
==Adressen==
  
13-11-1912 naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157 kouwenberg bij Wilhelmus van Laarhoven
+
13-11-1912 naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157 [[Kouwenberg 13]] bij Wilhelmus van Laarhoven
  
1-11-1915 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk A 10 dorpsstraat Hendricus Adrinaus van Roij  
+
1-11-1915 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk A 10 [[Dorpsstraat 45]] [[Hendricus Adrianus van Roij (1859-1925)]]
  
 
1-9-1918 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157  
 
1-9-1918 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157  
Regel 37: Regel 37:
  
 
1923 Aarle-Rixtel
 
1923 Aarle-Rixtel
 
 
 
  
 
==Bezittingen==
 
==Bezittingen==

Versie van 15 sep 2025 00:49

Petrus Adrianus Dingemans
Geboren: 26-6-1892 Bergen op Zoom
Overleden: 16-1-1974 Bergen op Zoom

Biografie

Vader: Petrus Dingemans
Moeder: Johanna Maria Steers
Huwelijk: 14-5-1923 Aarle-Rixtel Gerardina Josephina Maria van Wetten 1902
Kinderen:

De heer Dingemans was onderwijzer in Aarle-Rixtel [1]

Hij was zeker onderwijzer en hulponderwijzer in de periode 1912 tot 1918.

In 1928 staat hij beschreven als hoofdonderwijzer. In dat jaar verkoopt hij zijn 2 huizen in Aarle-Rixtel aan de Kerkstraat.

Woonde in 1931 niet meer in Aarle-Rixtel.


Opleiding

Loopbaan

1912 onderwijzer
1915 Hulponderwijzer in Aarle-Rixtel
1918 Hulponderwijzer
1928 Hoofonderwijzer

Adressen

13-11-1912 naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157 Kouwenberg 13 bij Wilhelmus van Laarhoven

1-11-1915 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk A 10 Dorpsstraat 45 Hendricus Adrianus van Roij (1859-1925)

1-9-1918 komt naar Aarle-Rixtel inwonend Wijk B 157

1921 inwonend bij Wijk A 21a, A 22 vertrekt 30-5-1921

1923 Aarle-Rixtel

Bezittingen

Kadaster artikel 1725

Huis Hoogakker Sectie A 1311 verkocht in 1928 aan 1796
Huis en tuin Hoogakker Sectie A 1312 verkocht in 1928 aan 1796

Bronnen

  1. Boek:van Ricstelle tot Aarle-Rixtel. Jean Coenen 1992 blz 148